AK Leerdoelen H3.4

Image

Leerdoelen

Ga met je muis over de vraag of klik erop op telefoon om het antwoord te zien.

1- Je kent de zes landschapszones op aarde. 1- Polaire zone
2- gematigde zone
3- Subtropische zone
4- tropische zone
5- boreale zone
6- aride zone


2- Je kent de belangrijkste kenmerken van de zes landschapszones op aarde. Polaire: Altijd onder 10°C.
Gematigde: altijd loofbomen, redelijke humuslaag
Subtropische: heel verdeelde neerslag, vochtig in voorjaar.
Tropische: altijd boven 80% luchtvochtigheid. voedingstoffen zitten in planten, niet in de bodem.
Boreale: overgangszone tussen polair en gematigde zone, naaldbomen overheersen.
Aride: droog met gemiddeld 250mm neerslag, neerslag altijd stortbuien.


3- Je kunt verklaren dat hoe het overgangsgebied
van de tropische naar aride zone ontstaat (savannes). Doordat het verder van de evenaar afligt begint de luchtvochtigheid af te nemen en het dus droger te worden, nu ligt de savanne tussen de woestijn en de tropen in omdat het nog net bomen kan bevatten maar ook heel droog is.


4- Je kunt verklaren dat het grensgebied tussen de aride
en meer gematigde zone wordt gevormd door de steppegebieden. Doordat de neerslag toeneemt is de lucht niet meer zo droog als in de aride zones waardoor er loofbomen kunnen groeien.